Minder aanslagen met explosieven | Veiligheidsprobleem blijft 'ernstig'
In dit artikel:
In de eerste zes maanden van 2026 zijn in Nederland 581 aanslagen en pogingen daartoe met explosieven geregistreerd, 124 minder dan in dezelfde periode vorig jaar. Volgens politie en taskforce Offensief tegen Explosies wijst dat op een voorzichtige daling, maar blijft het probleem ernstig en een bedreiging voor de veiligheid in wijken rond woningen en bedrijfspanden.
Burgemeester Carola Schouten van Rotterdam, voorzitter van de taskforce, noemt de afname positief maar onvoldoende. De aanpak richt zich op drie sporen: minder jonge uitvoerders, betere opsporing van opdrachtgevers en tussenpersonen, en het terugdringen van de beschikbaarheid van explosief materiaal. Een groot deel van de verdachten is jonger dan 25 jaar, daarom loopt er onder meer een proef met conflictbemiddeling en wordt gekeken naar eerdere en lokaal gerichte hulp aan jongeren die al in beeld zijn bij de politie.
Ook worden ouders en jeugdprofessionals geholpen om jongeren weerbaarder te maken tegen online ronseling, onder meer via de campagne ‘Praat met je kind over explosies’. Aan de opsporingskant analyseert de politie telefoons en laptops om door te dringen tot de schakels achter de uitvoerders. In ernstige zaken kunnen ook opdrachtgevers en tussenpersonen worden vervolgd voor criminele uitbuiting.
Omdat de meeste aanslagen worden gepleegd met zwaar illegaal vuurwerk, probeert het offensief ook productie, transport, opslag en online handel te verstoren. Daarvoor werkt Nederland samen met pakketbedrijven en internationaal, onder meer binnen een nieuwe taskforce met Duitsland en Zweden. Nederland dringt daarnaast in Europa aan op strengere regels voor zwaar vuurwerk.
De Oranjezomer: Rutger Castricum doet er na ophef over grappen over 75-plussers nóg een schepje bovenop